Wanneer betaal je vermogensbelasting in 2020?

Leestijd ± 4 minuten Laatste update: 23 november 2020
Wanneer betaal je vermogensbelasting in 2020?

Of je in 2020 vermogensbelasting moet betalen, hangt af van de hoogte van je vermogen. Onder vermogen verstaan we al je bezittingen minus schulden. Dit gaat om spaargeld, maar ook om beleggingen of bijvoorbeeld een tweede huis. Vanaf welk bedrag je vermogensbelasting betaalt en hoeveel dat is, leggen we je in dit blog uit.

Vrijstelling vermogensbelasting

In 2020 geldt een belastingvrije voet van €30.846 voor vermogensbelasting. Dat houdt in, dat je pas vermogensbelasting betaalt wanneer je meer vermogen bezit dan dit bedrag. Je betaalt dus alleen belasting over het bedrag boven deze grens.

 

Wanneer je een fiscale partner hebt, wordt dit heffingsvrije vermogen verdubbeld. Je betaalt dan vermogensbelasting vanaf een bedrag van €61.692. 

 

De vermogensbelasting heet tegenwoordig eigenlijk de vermogensrendementsheffing. Omdat we in de volksmond nog steeds van vermogensbelasting spreken, houden we deze term in dit artikel ook aan.

Vermogensbelasting berekenen

Wanneer je meer vermogen bezit dan de hierboven genoemde belastingvrije voet, betaal je vermogensbelasting. Bij het berekenen van de vermogensbelasting, gaat de Belastingdienst uit van een fictief rendement. Dit is het rendement dat je volgens de Belastingdienst in theorie met je vermogen kunt behalen.

 

Over dit fictief rendement betaal je 30% belasting. Het rendement dat je daadwerkelijk behaalt, wordt dus niet meegenomen. Er wordt alleen gerekend met het fictief rendement dat is vastgesteld door de Belastingdienst.

 

Hoe hoog het fictieve rendement voor jou is, hangt af van de hoogte van je vermogen. De vermogensbelasting is namelijk ingedeeld in 3 schijven. De Belastingdienst gaat ervan uit dat je met een hoger vermogen meer rendement kunt behalen. Daarom loopt het fictieve rendementspercentage op naarmate je vermogen groter is.

 

Voor de vermogensbelasting in 2020 gaat de Belastingdienst uit van de volgende bedragen en percentages:

SchijfGrondslag sparen en beleggenSpaardeel (fictief rendement 0,07%)Beleggingsdeel (fictief rendement 5,28%)Gemiddeld fictief rendement
1Tot €72.79867%33%1,789%
2Vanaf €72.798 tot €1.005.57321%79%4,185%
3Vanaf €1.005.5730%100%5,28%
Bron: Belastingdienst

In bovenstaande tabel kun je zien hoe het rendement over je vermogen berekend wordt. Per schijf heeft de Belastingdienst een spaardeel en een beleggingsdeel aangewezen. Deze verdeling is gebaseerd op de belastingaangiftes van 2012. In 2020 wordt geëvalueerd of deze percentages nog steeds kloppen.

 

Over het spaardeel is het fictieve rendement 0,07% en over het beleggingsdeel 5,28%. Over dit fictieve rendement betaal je altijd 30% inkomstenbelasting. In de laatste kolom zie je het gemiddelde fictieve rendement voor 2020 per schijf. Zo kun je snel berekenen hoeveel vermogensbelasting je betaalt.

Voorbeeld: Hoeveel vermogensbelasting moet ik betalen?

Om dit allemaal wat duidelijker te maken, geven we een voorbeeld berekening. Stel je voor, dat je totale vermogen €112.250 bedraagt. Er is in dit geval geen fiscale partner in het spel. Hoeveel vermogensbelasting moet je dan betalen?

Grondslag sparen en beleggen

Als eerste trek je het heffingsvrije vermogen en eventuele vrijstellingen van je vermogen af. We gaan ervan uit dat er geen fiscale partner is en er zijn geen verdere vrijstellingen.

 

Het belastbare vermogen is dan: €112.250 - €30.846 = €81.404. Dit bedrag is de grondslag sparen en beleggen, oftewel het bedrag waarover je vermogensbelasting wordt berekend. 

Schijf 1

Je vermogen beslaat in ieder geval de hele eerste schijf. Over de eerste €72.798 wordt dus fictief rendement berekend in schijf 1.

Spaardeel:                            €72.798 * 0,67 * 0,0007 = €34,14

Beleggingsdeel:                   €72.798 * 0,33 * 0,0528 = €1.268,43

Het totale fictieve      

rendement over

schijf 1 komt dus op:           €34,14 + €1.268,43 = €1.302,57

Schijf 2

Je hebt dan nog €8.606 in schijf 2. Ook hierover berekenen we het fictief rendement.

Spaardeel:                            €8.606 * 0,21 * 0,0007 = €1,27

Beleggingsdeel:                   €8.606 * 0,79 * 0,0528 = €3.589,73

Het totale fictieve

rendement over schijf

2 komt dus op:                      €1,27 + €3.589,73 = €3.591,00

Totaal

In totaal komt het fictieve rendement op €1.302,57 + €3.591,00 = €4.893,57.

Over dit bedrag moet je 30% belasting betalen. De vermogensbelasting komt in dit geval op: €4.893,57 * 0,30 = €1.468,07

 

Verdere informatie over vermogensbelasting kun je ook lezen in het artikel Vermogensbelasting 2019 en 2020. Kom je er zelf toch niet uit met de vermogensbelasting? Laat je dan adviseren door een financieel of fiscaal adviseur.

Hoe maak je toch rendement?

Door een combinatie van de vermogensbelasting en de inflatie, wordt je vermogen steeds minder waard. De inflatie ligt over het algemeen tussen de 1,5% en 2% per jaar. Hierdoor kun je met hetzelfde vermogen, minder kopen. Daarnaast betaal je dus vermogensbelasting, die ook jaarlijks in mindering wordt gebracht op je vermogen.

 

De spaarrente kan hier niet tegenop. Wanneer je je vermogen op een spaarrekening laat staan, wordt je vermogen daardoor steeds minder waard. Hoe kun je toch nog rendement behalen?

 

Beleggen is hiervoor een goede oplossing. Door te beleggen kun je een hoger rendement behalen dan de spaarrente. Daardoor kun je waardevermindering door inflatie en vermogensbelasting de kop bieden. Beleggen kan zorgen voor vermogensbehoud en mogelijk zelfs voor groei.

 

Let wel op: aan beleggen zijn altijd risico’s verbonden. De waarde van je beleggingen kan fluctueren. In het verleden behaalde resultaten bieden geen garantie voor de toekomst.

 

Denk je erover om te beginnen met beleggen? Een vermogensbeheerder kan je hierbij helpen.


Deel via social media: